Emissieloos bouwen vraagt ambitie én realiteitszin

Er is een vernieuwde versie van de Green Deal Het Nieuwe Draaien in de maak. Een logisch moment voor de vraag: is de GWW-sector inmiddels klaar voor emissieloos werken? Het eerlijke antwoord is: ja en nee. Ja, omdat er inmiddels veel meer elektrisch materieel beschikbaar is dan een paar jaar geleden. Nee, omdat de praktijk van de bouwplaats een stuk weerbarstiger is dan beleidsmakers soms denken.

Er is ook een convenant Schoon en Emissieloos Bouwen. Dat leidt nog lang niet automatisch tot aanbestedingen waarin elektrisch materieel wordt gevraagd. Vooral gemeenten lopen achter. Tegelijkertijd is daar wel degelijk beweging zichtbaar. Een jaar geleden had amper 10 procent van de gemeenten het convenant ondertekend. Inmiddels is het aandeel boven de 25 procent.

Maar een handtekening onder een convenant is één ding, vervolgens moet je het ook in de praktijk brengen. Te vaak wordt bij GWW-projecten nog helemaal geen emissieloze uitvoering gevraagd. Daar sta je dan als aannemer die heeft geïnvesteerd in elektrische graafmachines.

Een andere uitdaging is de netcongestie. Die vraagt om een slimme laadstrategie. Niet laden op het moment dat om 16.00 uur iedereen naar huis gaat – juist dan piekt de belasting op het elektriciteitsnet. Met een timer kun je de rustige nachtelijke uren benutten.

Gefaseerd en doelgericht

Op infrastructurele projecten in buitengebieden is vaak zelfs helemaal geen stroom beschikbaar. Dat kan je opvangen met batterijcontainers, maar dat betekent extra investeringen en een complexere logistiek.

Tegelijkertijd moeten we ook realistisch blijven. In discussies over volledig emissieloos werken zie ik soms plannen die de praktijk simpelweg nog niet kan waarmaken. Dan helpt het om even door te rekenen. Als voor een groot infrastructureel project op jaarbasis 800.000 liter diesel nodig zou zijn, betekent dat ongeveer 3,2 gigawattuur (GWh) aan elektriciteit. Uitgaande van 200 werkdagen is dat 16 megawattuur (MWh) per dag. Dat is een hoeveelheid energie die je niet zomaar met een paar batterijen op een bouwplaats organiseert.

Volledig emissieloos kan nog lang niet altijd en overal. Het schrikt partijen ook af. Maar het hoeft niet alles of niets te zijn. Kies een gefaseerde aanpak. Begin als gemeente bijvoorbeeld met het uitvragen van 30 procent emissieloos materieel op een werk. Doe daarmee ervaring op, los de problemen op die je mogelijk tegenkomt en schaal daarna op naar 50 of 60 procent. Zo kunnen we met z’n allen doelgericht toewerken naar volledig emissieloos bouwen.

De transitie naar emissieloos bouwen is onomkeerbaar.  De vraag is niet óf we die stap zetten, maar hoe we dat verstandig doen. Met ambitie, maar ook met realiteitszin.

Bezoek de website voor meer informatie: www.bmwt.nl