Wijk van de toekomst is klimaatadaptief
Door de opwarming van ons klimaat nemen de uitdagingen in stedelijke omgeving toe. Denk aan afvoer van regenwater bij zware zomerbuien en buffering voor tijden van droogte en verminderen van hittestress. Maar ook de biodiversiteit en afvang van fijnstof spelen een rol. Tot slot verhoogt veel groen in een wijk het welzijn van mensen en nodigt het uit naar buiten te gaan. Maar welke maatregelen moeten we nemen in de bestaande bouw of bij nieuwbouw? “We moeten integraler leren kijken naar de inrichting van de openbare ruimte”, zegt Robert Ruiterkamp, directeur/eigenaar van civieltechnisch projectbureau Anacon-Infra.

Herinrichting Muraltplein in Borculo. Het groen in de groenvakken moet zich nog ontwikkelen. Links is nog net één van de grote bomen (nog zonder blad) te zien, die in het plan zijn geïntegreerd.
Tekst: ing. Frank de Groot
Beeld: Anacon-Infra
“Bij herinrichting van een bestaande woonwijk sturen wij op klimaatrobuuste ontwerpen met meer groen, minder verharding en behoud van bestaande bomen”, zegt Robert Ruitenkamp. Het civieltechnisch projectbureau Anacon-Infra maakt in opdracht van onder meer gemeenten, provincies en woningcorporaties 2D- en 3D-ontwerpen voor de inrichting van de openbare ruimte, waarin ook verkeer, riolering en groen worden meegenomen. Verder worden nauwkeurige kostenramingen gemaakt en de meest geschikte contractvorm gekozen. “Wij begeleiden opdrachtgevers bij het volledige ontwerpproces, de werkvoorbereiding en het aanbestedingstraject. Vervolgens kunnen onze directievoerders of uitvoeringsbegeleiders de uitvoering begeleiden”, aldus Robert.
Dissl Lalleman, specialist Duurzaamheid en Klimaat, is eveneens aangeschoven: “Wij vinden duurzaamheid heel belangrijk: het verminderen van de CO2-uitstoot en het realiseren van een circulaire economie. Daarom besteden we binnen onze projecten veel aandacht aan klimaatadaptatie, toekomstbestendigheid, circulariteit en duurzaamheid.”

Dissl Lalleman, specialist Duurzaamheid en Klimaat bij Anacon-Infra: “Groen is niet alleen goed voor mens en dier, maar het verhoogt ook de waarde van vastgoed.”
Duurzaamheid
Hoewel niemand het belang van groen en goed waterbeheer zal ontkennen, zijn de kosten vaak toch doorslaggevend. Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) is ook geen stok achter de deur, omdat hierin nog geen eisen staan op het gebied van natuurinclusief bouwen. Zelfs het nestkastje is al gesneuveld doordat oud-minister Mona Keijzer van VRO in 2025 met een kapmes door het oerwoud aan regelgeving ging om vrije banen te creëren zodat we sneller kunnen bouwen. Dit maakt het dus voor gemeenten lastig om extra bouwtechnische eisen te stellen voor natuurvriendelijk bouwen.
“Het omgevingsplan van een gemeente biedt wel mogelijkheden. Daarin kun je regels opnemen die voor iedereen gelden, zoals over het kappen van bomen, de mate waarin een perceel mag verstenen of een puntensysteem voor natuurinclusief bouwen. Denk bij het puntensysteem aan het behouden van hagen en planten ter bevordering van de biodiversiteit of het percentage vergroening”, zegt Dissl. Robert reageert: “Maar dan nog zie je een paar jaren later dat de achtertuinen weer vol schuttingen staan en veel oppervlak is bestraat. Wat dat betreft kun je de inrichting van de openbare ruimte beter sturen.”
Maar ja, wat is dan een duurzame omgeving? Dissl: “Wij kunnen een terrein beoordelen op de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDG’s) en klimaatbestendigheid met het NL Terreinlabel van The Greenlabel Institute. Ik ben als Terrein- en Gebiedslabelexpert opgeleid om met de methodiek te kunnen werken. Een terrein is maximaal 150 hectare, een gebied is groter en certificering is mogelijk van A t/m G.” Daarnaast spant Dissl zich in om oude materialen her te gebruiken in nieuwe projecten: “Daarvoor gebruiken we DuSpot. Dat is een matchingstool waarmee vraag en aanbod van circulair en duurzaam bouwmateriaal is te inventariseren en met elkaar is te matchen.” Robert vult aan: “ Maar dan moeten er wel voldoende materiaalhubs zijn, zodat je niet het halve land moet doorrijden met gebruikt materiaal. Want dat is ook niet duurzaam. Er ligt hier nog een uitdaging: vaak heb je bepaalde materialen nodig, die dan nog elders in gebruik zijn. Het kan daarom slim zijn je ontwerp af te stemmen op gebruikte materialen die voorhanden zijn.”

Robert Ruiterkamp, directeur/eigenaar Anacon-Infra: “We moeten veel integraler leren ontwerpen. Je kunt een groene omgeving niet los zien van de aanwezige woningen en kantoorgebouwen.”
Meer groen
Meer groen en meer blauw: bij nieuwbouw is het verhaal bekend: een projectontwikkelaar of gemeente met een grote woningbouwopgave staan niet te springen om de schaarse ruimte deels in te vullen met vijvers en parken. In bestaande wijken is dat nog lastiger: je kunt moeilijk woningen slopen voor meer groen en blauw. Robert reageert: “Grijs is een bewezen techniek. Je legt een infrastructuur neer voor twintig tot dertig jaar. Over groen zijn er veel verschillende inzichten. Logisch ook, want er zijn zoveel verschillende opties.”
Groen vraag verder extra ruimte. Daarom moeten we volgens Robert bij nieuwbouw meer gaan denken aan meerlaagse appartementengebouwen: “Dan kun je meer woningen kwijt op dezelfde ruimte. Veel mensen hebben liever een fijne leefomgeving dan een tuin. Er zijn ook genoeg mensen die een mooi balkon zelfs fijner vinden dan een tuin die ze moeten onderhouden.”
Groen toevoegen aan een bestaande wijk is nog lastiger. In bijvoorbeeld een smalle straat is er geen ruimte voor veel groen. Robert: “Je kunt dan beginnen met het parkeren aan één zijde. Dan komt de andere zijde vrij voor groen en bomen. Daarnaast kun je parkeerplaatsen inrichten met groendoorlatende stenen of zelfs geperforeerde platen. Als je een straat aanpakt in een bestaande wijk, combineer het werk dan gelijk met groeiplaatsverbetering voor de bomen. Denk aan het verbeteren van de grond en meer ruimte rond de boom. “Maar je kunt ook denken aan geveltuintjes in een straat zonder voortuinen”, vult Dissl aan. “Kwestie van een rij tegels voor de gevel eruit en plantjes erin. Natuurlijk moet je er geen klimplant inzetten die snel groeit, maar er kan heel veel.”

Eenvoudig groen toevoegen aan de openbare ruimte: geveltuintjes. Kwestie van een rij tegels voor de gevel eruit en plantjes erin, zoals hier in Vaassen.
Waterbuffering
Dan is er ook nog de behoefte aan meer blauw: ook een ruimtevreter? “Nee hoor, je hoeft bijvoorbeeld waterberging niet altijd op te lossen met oppervlaktewater. Je kunt bijvoorbeeld kiezen voor infiltratievoorzieningen onder de groene parkeerplaatsen. Denk aan een draagkrachtige laag met voedingsstoffen en daaronder een laag lavakorrels. Die korrels kunnen vocht absorberen en bij droogte weer langzaam afgeven aan de ondergrond. Een ander optie zijn infiltratiekratten”, zegt Dissl. “Regenwater direct lozen in de riolering heeft veel nadelen. Het groen in de straat krijgt onvoldoende water en de waterzuiveringsinstallaties worden zwaar belast door al dat extra regenwater, dat je eigenlijk helemaal niet hoeft te zuiveren. Bovendien komt het water dan elders terecht in oppervlaktewater, maar je wilt het water juist bergen in het gebied waar het valt.”
Een veel gebruikte oplossing voor de afvoer van water bij plotseling stortbuien is een wadi. “Dit is een verdiepte groene geul die het overtollige regenwater opvangt bij stortbuien. Het water wordt niet afgevoerd, maar zakt ter plaatse langzaam in de bodem”, legt Robert uit. Dissl vult aan: “Je kunt zo’n wadi ook combineren met bomen en struiken waar bijvoorbeeld kinderen kunnen spelen. Een goede wadi is zowel waterbufferend als een groenvoorziening. Daarnaast maak je zichtbaar in de wijk wat er met het water gebeurt.”
Om optimaal te profiteren van de waterbuffering is wel afkoppeling van de hemelwaterafvoeren nodig. Soms leidt dit echter tot suboptimale oplossingen. Robert legt uit: “Dan zie je dat de hemelwaterafvoer uitkomt op de klinkerbestrating of dat het regenwater via een gootje door de voortuin alsnog op de bestrating vloeit. Dat kan tot gladheid leiden, omdat de klinkers dan steeds groener worden. Soms zie je mooie oplossingen zoals tegels met uitwaaierende gootjes, zodat het water veel meer wordt verspreid. Maar het heeft de voorkeur om het water direct in de bodem te laten infiltreren.”
En dan is er nog de waterpasserende bestrating, Dat is bestrating waarbij de voegen water doorlaten. Soms zijn de straatstenen daarbij uitgerust met nokken die zorgen voor enige afstand tot de naastgelegen steen. Robert is niet heel enthousiast over deze oplossing: “Bij dit type bestrating is er veel aandacht nodig voor de voegen. Je moet namelijk wel periodiek onderhoud uitvoeren om te voorkomen dat de voegen dichtslibben, waardoor het water niet meer goed kan wegstromen. Ik ken zelfs een gemeente waar ze de waterpasserende bestrating er weer uit hebben laten halen.”

Parkeerplaats met groendoorlatende stenen: meer groen en water kan eenvoudig in de bodem infiltreren.
Waarde van groen
“Groen is niet alleen goed voor mens en dier, maar het verhoogt ook de waarde van vastgoed”, zegt Dissl. Denk maar aan de panden rond een mooi park. Elders in GWW Totaal gaan we in op de baten van groen die worden berekend in de nieuwe onderzoekspublicatie ‘Groen op de balans’. Zo wordt veel geld bespaard op zorgkosten door meer groen. Kinderen gaan bijvoorbeeld meer buiten spelen en zieke mensen die uitkijken op groen herstellen vaak sneller. Maar zo zijn er nog veel meer baten van groen. De onderzoekspublicatie is ontwikkeld op initiatief van Koninklijke Vereniging van Hoveniers en Groenvoorzieners (VHG), Royal Anthos en LTO Bomen, Vaste planten en Zomerbloemen.
Robert brengt wel een nuancering aan: “Je wilt altijd een goede mix van koop, huur en sociale huur. Voor de midden- en lage huurklasse is er amper rendement, omdat je gebonden bent aan vastgestelde huurprijzen.” Maar los daarvan benadrukken zowel Dissl als Robert het grote belang van groen: “Probeer ook altijd te behouden wat er al is. Een volwassen boom biedt veel meerwaarde op het gebied van het creëren van schaduw en koelte, biodiversiteit, afvangen van fijnstof en geluidsdemping. En de aanblik van een mooie boom is ook rustgevend. Je ziet nog te vaak dat bij het bouwrijp maken van terreinen eerst de bomen worden gekapt. Na oplevering van de nieuwbouw worden er dan allemaal jonge bomen teruggeplant, maar dat zijn vaak sprietjes. Dat duurt minimaal tien jaar voor ze een beetje omvang hebben. Probeer daarom zoveel mogelijk bestaande bomen te handhaven en pas je ontwerp daarop aan.”
Robert: “We moeten veel integraler leren ontwerpen. Je kunt een groene omgeving niet los zien van de aanwezige woningen en kantoorgebouwen. Er moet een comfortabele leefomgeving worden gecreëerd voor bewoners, bedrijfspersoneel en overige gebruikers.” Dissl besluit: “We moeten ook functies gaan stapelen: dus zonnepanelen boven een parkeerplaats en wadi’s met bomen en struiken. Of een schoolplein of parkeerterreinen bij kantoorgebouwen die je in de avond weer kan gebruiken voor andere activiteiten. Er is zoveel mogelijk.”